05 februari Bedrijfsreportage op de melkveehouderij van Stephan en Ingrid Cuvelier – Van Oost (Poperinge)

Stephan Cuvelier is een naam die in de melkveehouderij in Vlaanderen goed gekend is. Stephan en zijn vrouw Ingrid hebben een melkvee-akkerbouwbedrijf in Poperinge waar al jaren sterk doorgefokt wordt. Ook Jens (23) werkt ondertussen actief mee op het bedrijf. Niels loopt het laatste jaar school en ziet zijn toekomst ook in de landbouwsector. Met 2 gedreven zonen lijkt de toekomst van dit bedrijf alvast verzekerd.

Een vleugje geschiedenis

De vader van Stephan nam een bedrijf over met allemaal koeien van het West-Vlaams rood ras, maar hier kwam snel verandering in. Als pionier trok hij 53 jaar geleden naar Osnabrück om Holstein-koeien aan te kopen en vanaf dan werd er rechtlijnig doorgefokt met Holstein-koeien. In 1995 zijn Stephan en Ingrid gehuwd en namen ze de helft van het bedrijf over. Ze molken toen 55 koeien. Enkele jaren later namen ze het bedrijf volledig over en in 2003 werd gestart met de bouw van een nieuwe melkveestal met 80 ligboxen. Op dat moment werd 500 000 liter melk gemolken. Gespreid over een periode van 10 jaar werd er gestaag quotum bijgekocht om in 2015 tot een productie van 900.000 l te komen. 2015 betekende meteen het einde van het quotumtijdperk.

Doorheen de jaren investeerden Stephan en Ingrid weloverwogen. De melkmachine werd omgebouwd van 2 x 7 visgraat naar 2 x 11 visgraat 50° Euroclass 800 en in 2018 werd er opnieuw gebouwd. Ze breidden stevig uit met 65 extra ligboxen, stroboxen, mestopslag en een jongveegedeelte voor de kleinste kalveren.

Eigen jongvee werd de laatste jaren grotendeels aangehouden om de stal volledig vol te krijgen. Het bedrijf groeide van 100 naar 160 koeien. De stal zit nu volledig vol, er komen dus opnieuw wat meer mogelijkheden om jongvee en gekalfde vaarzen te verkopen zoals voorheen. Dit wordt binnenkort gerealiseerd. Op de eliteveiling in januari te Roeselare heeft Stephan een 5-tal beloftevolle pinken ingeschreven.

Rietjes zonder prijs

De voorbije 53 jaar is de prijs van een KI-rietje op dit bedrijf van geen belang geweest. Enkel het beste fokmateriaal is goed genoeg. Bij de stierkeuze zijn de belangrijkste criteria melkplas, exterieur en gehalten. Aan de criteria melkplas en gehalten voldoet 70 % van de stieren, maar wanneer je ook heel kritisch bent op het exterieur, vallen er volgens Stephan zeer veel opties weg. De belangrijkste parameters voor een goed exterieur zijn frame, goede benen en brede, hoog aangehechte uiers.

Economisch interessant fokken blijft prioritair

Bij dit gesprek over het fokken van koeien denkt Stephan terug aan de tijd dat hij 18 jaar was. Hij nam toen deel aan de nationale prijskamp te Doornik met 1 koe en deze werd gekroond tot algemene kampioene. Stephan was voorheen ook al gebeten door het fokkerijvirus, maar sindsdien is er geen houden meer aan. Tot op vandaag blijft het een deugddoende hobby die perfect past in de bedrijfsvoering. Economisch interessant fokken blijft prioritair, maar de woorden “als ik af en toe eens echt mijn goesting kan doen en kan proberen een perfecte match te maken voor een mogelijkse kampioene”, ontlokken hem een glimlach.

De veestapel stamt voor 80 % af uit één koe. 30 jaar geleden werd Carmine aangekocht. Dit was toen de duurste koe ooit in Vlaanderen. Deze werd veelvuldig gespoeld met goede resultaten. Ook haar vrouwelijke nakomelingen werden optimaal ingezet voor de fokkerij. Vandaar de vele afstammelingen. Er vertrokken al heel wat nakomelingen van deze koe richting de KI-stations.

Kwaliteit, zowel in de stal als op het veld

Voor koeien met veel potentieel moet uiteraard ook het ruwvoeder van topkwaliteit zijn. Er worden hier jaarlijks 25 ha maïs en 25 ha gras geteeld. Daarnaast worden een 23 ha aardappelen en 6 ha suikerbieten verbouwd.

Aan 90 % van het maïsareaal gaat een tijdelijke teelt vooraf. De keuze valt hier op 90 % gras Turbo Quattro, aangevuld met bladrogge Turbo Rogge Mix. De keuze voor Turbo Quattro is bewust. Als het zeer droog is, dan laat Stephan wat extra gras staan op droge percelen. Zo verzekert hij zich altijd van voldoende graskuil.

Maïs moet massa hebben maar moet ook van topkwaliteit zijn

Met de kuilmaïs is het zoals met de koeien, er worden weinig toegiften gedaan. Maïs moet massa hebben maar moet ook van topkwaliteit zijn. Voldoende zetmeel en verteerbaarheid zorgen voor voldoende VEM’s in de kuil en voor liters onder de koe. De keuze in 2023 viel op LG 31.229 en LG 31.265. Doordat er toch wel wat maïs in de vruchtafwisseling zit, wordt hier al verschillende jaren in de suikerbietteelt gekozen voor de rhizoctoniatolerante BTS 605. Een variëteit met voldoende rijkheid, gezond blad en goede rhizoctoniatolerantie.

Voederen met de puntjes op de i

Jens is dagelijks bezig met het voederen. Hij hecht veel belang aan vlot en proper werken. Daarom werd in de zomer van 2023 ook geïnvesteerd in nieuwe sleufsilo’s. Met deze silo’s wordt het wisselen van kuilen gemakkelijker. Kuilen kunnen nu voldoende lang dichtgelaten worden na de oogst. Het basisrantsoen van de koeien bestaat uit 28 kg maïs, 16 kg gras, 4 kg bierdraf en 10 kg perspulp aangevuld met eiwitkern en mineralen. Er wordt momenteel op een rollend jaargemiddelde van 12.500 kg gemolken met 45° vet en 35° eiwit.

De materniteit

Met de bouw van de laatste stal werd ook geïnvesteerd in de huisvesting van de jonge kalveren en in de afkalfbox. De looplijnen zijn hier kort en er kan vlot gewerkt worden. Het bedrijf is volledig vrij van BVD, IBR, mycoplasma, neospora en para-tbc. Dit is essentieel voor de verkoop van vrouwelijk fokmateriaal en een 15-tal dekstiertjes per jaar. Ingrid helpt niet alleen bij de melkbeurten, ze staat ook in voor de kalveren en de administratieve opvolging zodat de kalveren administratief-sanitair perfect in orde zijn.

De toekomst is uitgestippeld

Het bedrijf is doorheen de jaren steeds blijven groeien, ook de melkinstallatie is aangepast aan deze groei, maar toch wordt er momenteel vrij lang gemolken per melkbeurt. De wisseltijden duren iets te lang. Er wordt ook zindelijk gemolken met 4 behandelingen: voorschuimen, afvegen met papier, melkstel aansluiten en nadippen. Er is dus veel aandacht voor het voorkomen van mastitis. In de melkinstallatie ligt dus wellicht de volgende stap voor het bedrijf. Robotmelken lijkt Stephan de ideale manier om niet in te boeten op kwaliteit en de koeien toch maximaal te laten produceren. Met Jens en straks wellicht ook Niels die in de voetsporen van Stephan en Ingrid willen treden, lijkt de toekomst van dit bedrijf verzekerd.

We wensen hun allen zeer veel succes toe.

author avatar
info@flux.be

Op de hoogte blijven?

Schrijf je in op onze nieuwsbrief en ontvang onze nieuwtjes in je mailbox.

    privacy Beleid.