
24 februari Gunstige uitzaaiperiode van wintergranen, gemiddeld tot lager areaal
De uitzaai van wintergranen is vlot verlopen in het afgelopen najaar dankzij de goede weersomstandigheden. Het areaal wintertarwe ligt in 2025 dicht bij het meerjarige gemiddelde. De wintergerst is een ander verhaal. Hier zien we een duidelijke daling van het areaal. Dit is te wijten aan het lage areaal wintertarwe in 2024 en de late oogst van maïs als voorvrucht.
Optimalisatie van de bemesting voor wintergranen
Optimalisatie van de bemesting betekent “de juiste dosis op het juiste moment” verstrekken, zodat de geleverde stikstof maximaal wordt opgenomen door het gewas. Tijdens de uitstoeling is het belangrijkste criterium voor de stikstofopname de groeisnelheid van het gewas: een gewas dat “niet groeit”, neemt geen stikstof op!
Het moment van de eerste stikstoftoepassing bij wintergranen hangt dus af van de hervatting van de groei na de winter. Met de vrij zachte temperaturen van het moment kan u de eerste stikstofgift doen – van zodra de percelen berijdbaar zijn. Dien bij laat gezaaide percelen met een lage standdichtheid en beperkte wortelontwikkeling zeker een samengestelde meststof toe. Een stikstofanalyse met bemestingsadvies is hiervoor de basis.
Zwavel
Er is de laatste jaren steeds meer zwavelgebrek. Bij de eerste bemesting is zwavel ook een belangrijk element.
- Zwavel bevordert de stikstofopname
- Zwavel zorgt voor de ontwikkeling van eiwit in de plant.
De voornaamste reden van het zwavelgebrek is de lagere aanvoer van de laatste jaren:
- de opbrengsten van veel gewassen nemen toe;
- de depositie vanuit de lucht is sterk is afgenomen;
- de vrij natte winter heeft de bodemvoorraad zwavel negatief beïnvloed.
