Hitte en droogte doen grasland sneller verouderen

Hitte en droogte doen grasland sneller verouderen

Periodes van hitte en droogte zijn het nieuwe normaal geworden. Dat bewijzen de laatste jaren zeer duidelijk. Het grasland werd ook dit jaar opnieuw zwaar op de proef gesteld. Dat de schade aan de zode nog relatief binnen de perken blijft, komt vooral omdat landbouwers steeds meer anticiperen op deze extreme omstandigheden. Door het grasland te gaan beregenen en door sneller te gaan vernieuwen slagen steeds meer landbouwers er in om ondanks moeilijke omstandigheden toch aanvaardbare opbrengsten te behalen.

Ieder jaar moeten de percelen kritisch geëvalueerd worden. Wanneer de percelen niet productief genoeg meer zijn, moet er vernieuwd worden. Hitte en droogte en hebben een zware inpact op het grasland waardoor de zode veel sneller zal verouderen. Percelen die de laatste jaren stelselmatig vernieuwd werden, blijken de droogte en de hitte beter te doorstaan. 

Derogatiebedrijven mogen in MAP 6 wel grasland scheuren in het najaar!

Met het nieuwe MAP 6 zijn een aantal derogatievoorwaarden gewijzigd. Vanaf nu kunnen derogatiebedrijven ook in het najaar (van 16 september tot 31 oktober) grasland scheuren, maar alleen met het oog op hernieuwing van het grasland.

Wanneer grasland vernieuwen ?

Lees ook: Droogte en hitte doen grasland geen goed

Veel percelen grasland die de vorige jaren al schade ondervonden van de droogte maar nog niet werden vernieuwd, worden na deze zomer best her- of doorgezaaid. De grasmat dunt bij deze omstandigheden namelijk snel uit. Waar het gras verdwijnt, komen onkruiden in de plaats.

Wat gebeurt er als we op deze percelen niets doen? Het gras zal straks, wanneer er voldoende regen valt, een nieuwe groeistart kennen. De zode zal dan terug groen worden. Let op, heel wat van dat groen zal geen productief weidegras zijn, maar wel onkruid, ruwbeemdgras en straatgras. Volgend voorjaar zal dit resulteren in een duidelijk lagere opbrengst en een hoge onkruiddruk.

Herzaaien of doorzaaien?

Doorzaaien of herzaaien, de keuze ligt niet altijd voor de hand. In een aantal gevallen is het wel duidelijk dat er moet gekozen worden voor herzaaien in plaats van doorzaaien. Zeker op percelen met een hoge onkruiddruk verdient herzaai de voorkeur op doorzaai. Wanneer er kweek in uw grasland aanwezig is, raden wij aan om de weide eerst dood te spuiten alvorens opnieuw te gaan inzaaien.Bij een slechte bodemstructuur, voornamelijk door bodemverdichting, moet het probleem ten gronde aangepakt worden en dit zal alleen lukken via herinzaai. Hetzelfde geldt bij hoge asgehaltes in de graskuil als gevolg van een niet egale grasmat.

Herzaaien doen we aan een zaaidichtheid van 50 kg per ha.

Voldoende vocht is een must bij doorzaai

Doorzaaien is een interessante optie in het geval van een beperkt percentage slechte grassen en open plekken. Als er in uw perceel nog meer dan 70% goede grassen aanwezig zijn en er geen grote problemen zijn met de onkruiddruk of de bodemstructuur, is doorzaai aangewezen.

Bij doorzaai is het wel essentieel dat er voldoende vocht in de toplaag aanwezig is. Voldoende regen rond het moment van doorzaai is dus een must. De bodemtemperatuur moet voldoende hoog zijn en de concurrentie van bestaand gras bij voorkeur zo laag mogelijk. Afhankelijk van de weersomstandigheden zijn dus het vroege voorjaar en de maanden september en oktober het meest geschikt.

Om het dode gras, oppervlakkig wortelende slechte grassen en onkruiden uit de zode te verwijderen, raden wij aan om vóór het doorzaaien eerst nog een passage met een wiedeg uit te voeren. Hierdoor krijgt het nieuwe gras ruimte om te groeien. Ons advies is doorzaaien aan 30 kg/ha, bij voorkeur met een doorzaaier die het graszaad met schijven 1 à 2 cm diep in de zode deponeert.

Sommige landbouwers kiezen ervoor om hun grasland jaarlijks door te zaaien. In dat geval volstaat doorzaaien aan 20 kg/ha.

Ons advies

  • Herzaaien: 50 kg/ha met Belpré 3 (grazen en maaien) – Belpré 11 (uitsluitend maaien) – Belpré 2 (grasklaver)
  • Doorzaaien: 30 kg/ha of (20 kg/ha bij jaarlijkse doorzaai) met Belpré Revita of Belpré 3

Grasklavermengsel met witte en rode klaver

Het areaal grasklaver zit al een aantal jaren fors in de lift. De premie vlinderbloemigen in Vlaanderen is hier zeker niet vreemd aan. Daarnaast heeft de teelt ook een aantal belangrijke voordelen. Vooral het feit dat het met grasklaver perfect mogelijk is om met minder kunstmest toch hoge opbrengsten met hoge eiwitgehaltes te behalen. In vergelijking met grasland zonder klaver zijn er bij grasklaver wel een aantal zaken waar extra aandacht aan besteed moet worden zoals de onkruidbestrijding en de bemesting. Hieronder kan u een aantal adviezen terugvinden voor een geslaagde uitbating van grasklaver met behoud van het klaveraandeel.

Met minder kunstmest toch een hoge drogestofopbrengst behalen, dat is de kwaliteit van BELPRE 2. De hoge stikstofefficiëntie van dit mengsel is toe te schrijven aan het stikstofbindend vermogen van de klaver. Bovendien geeft de combinatie van Engels raaigras met klaver een zware, smakelijke snede en laat ze toe de zomerdepressie op te vangen. Het gras blijft ook gedurende het najaar gevrijwaard van kroonroest.

Nieuwe samenstelling

Sinds kort heeft BELPRE 2 een nieuwe samenstelling met naast de 10% witte klaver nu ook 10% rode klaver. Rode klaver is een goede starter en zal de eerste jaren een flink deel van het klaveraandeel voor zich nemen. Na 2-3 jaar daalt de concentrati e rode klaver maar dan neemt de witte klaver het over. Een mengsel met rode en witt e klaver garandeert een voldoende hoog klaverbestand voor jaren.