16 februari Ons antwoord op uw vragen over het Europees landbouwbeleid

Zoals beloofd tijdens de uitzending van onze webinar zouden wij op korte termijn terugkomen met een antwoord op alle gestelde vragen over maïs, suikerbieten en het Europees landbouwbeleid. En dit waren er heel wat.

MAÏS

Is teeltrotatie eveneens belangrijk voor korrelmais?

Teeltrotatie is voor alle teelten belangrijk, en zeker voor korrelmaïs. Het is wel zo dat korrelmaïs redelijk wat organische stof in de bodem brengt, door het achterblijven van stengel en blad op het veld na de oogst maar daarnaast zijn er heel wat nadelen aan monocultuur zoals persistente onkruiden (naaldaar, vingergras …), bodeminsecten (ritnaalden) en schimmels (rhizoctonia, fusarium) die in de bodem overwinteren. Het is dus aan te raden om aan teeltrotatie te doen. Afhankelijk van de streek waarin u woont, kan het in zandgrond bijv. interessant zijn om af te wisselen met aardappelen, triticale, voederbieten, grasklaver … In zwaardere gronden hebt u meer keuze.

Kan je maïs zaaien op 50 cm als je niet op voorhand weet of je de maïs zal hakselen of dorsen?

Als je het niet weet, dan is het natuurlijk aangeraden om te zaaien op 75 cm. Maar ik heb al gehoord dat er ook kan gedorst worden op 50 cm tussenrijafstand. Nu is het wel zo dat men in 90% van de gevallen op voorhand weet of de maïs wordt gehakseld of gedorst. Enkel dorsmaïs kan als kuilmaïs geoogst worden als er ruwvoedertekorten zijn. Maïs ingezaaid met de bedoeling te hakselen wordt in 90 % van de gevallen dan ook gehakseld. Tenzij er nog wat als MKS wordt geoogst.

Wanneer er geoogst wordt als de melklijn in de korrel op 3/4 zit, daalt het zetmeelgehalte dan niet in de kuil?

Ja, als je nu zou wachten totdat de korrel volledig hard is, dan zal er wellicht nog ‘iets’ meer zetmeel in de droge stof zitten.  Maar als de korrel volledig hard is, dan zit je al aan 40 % droge stof, en vaak nog hoger. Dan heb je veel risico op problemen bij de bewaring.

Het optimale oogstmoment voor kuilmaïs ligt tussen de 33 en de 36 % droge stof omdat op dat moment de voederwaarde het hoogst is. De voederwaarde wordt bepaald door het zetmeelgehalte en door de verteerbaarheid van de restplant. En deze laatste heeft een invloed van 40 % op de totale VEM. De verteerbaarheid van de restplant is optimaal rond de 30 % droge stof. Het zetmeelgehalte is optimaal rond de 38 % droge stof. Het compromis van beide factoren is optimaal rond de 33 à 36 % droge stof.

Is het ras Crosbey ook geschikt voor vleesvee?

Ja zeker, Crosbey bevat veel zetmeel, ook veel onbestendig zetmeel. Dit is ideaal voor vleesvee.

Is het niet beter om vroege rassen te zaaien tegen de droogte?

Ja, in het algemeen is dat zo. Dit werd ook zo uitgelegd in de presentatie. Vroege rassen (die dan wel vroeg gezaaid werden, dus eind april), zullen altijd sneller starten, een betere jeugdgroei hebben, sneller de rijen dicht hebben (dus minder verdamping), sneller bloeien (beter kolfaandeel), sneller bloeien vóór de hittegolf van juli enz. En bovendien, uit onderzoek bleek dat bijvoorbeeld in 2022 de vroege rassen een hogere opbrengst gaven dan de late rassen.

Blijven de prijzen van het maiszaad gelijk?

Neen, de prijzen zijn serieus gestegen ten gevolge van de droogteproblemen in de vermeerderingsgebieden (meestal Z-Frankrijk). Verder is het zo dat alle maïskwekers en producenten van maïszaaizaad op zoek gaan naar andere productiegebieden. Aangezien iedereen echter op zoek is naar gebieden, is het een opbieden van prijzen.

Is het nuttig een bewaarmiddel toe te voegen bij extreme droogte en warmte?

Dat kan zeker interessant zijn, omdat er bij een te late oogst (meer dan 40 % droge stof) te veel zuurstof in de kuil blijft. Erg droog gehakselde maïs is namelijk moeilijk aan te drukken en aan te rijden. Beter is tijdig te oogsten, dan zijn er geen additieven nodig.

Wanneer is een kuil optimaal? Wanneer daalt de kwaliteit van de mais in de kuil?

Het optimale oogstmoment voor kuilmaïs ligt tussen de 33 en de 36 % droge stof omdat op dat moment de voederwaarde het hoogst is. De voederwaarde wordt bepaald door het zetmeelgehalte en door de verteerbaarheid van de restplant. En deze laatste heeft een invloed van 40 % op de totale VEM. De verteerbaarheid van de restplant is optimaal rond de 30 % droge stof. Het zetmeelgehalte is optimaal rond de 38 % droge stof. Het compromis van beide factoren is optimaal rond de 33 à 36 % droge stof.

Als je te lang wacht met oogsten, bijvoorbeeld tot 40 % droge stof, dan heb je meer bewaarproblemen en zo verlies je duizenden euro’s.

I.v.m. korrelmais, wordt er nog iets verteld over het zaaitijdstip en de voorwaarden voor een goede oogst van korrelmais?

Zaaitijdstip van korrelmaïs: korrelmaïs moet zo vroeg mogelijk gezaaid worden. Houd wel rekening met de bodemtemperatuur. Deze mag ’s morgens niet lager zijn dan 7 °C op 3 cm diepte. Kijk vervolgens ook naar het weer voor de komende 10 dagen. Als ook dat goed is, zaai dan maar.

Voorwaarden voor een goede oogst: het begint bij een goede rassenkeuze in functie van je bedoeling. Wacht ook niet al te lang met het oogsten, want dan bestaat de kans dat er storm komt, legering, fusarium, enz.

Dit jaar hebben we in onze regio regen gehad in de zomer tijdens de bloei. De maïs was niet ideaal maar op papier is hij wel vrij goed met meer dan 1000 VEM en 370 zetmeel. Kan beregenen een meerwaarde bieden in de maisteelt?

Ja, beregenen kan zeker een meerwaarde betekenen in maïs. De beste periode om te beregenen is de periode na de bloei, en dat tot circa 15 augustus. Dit is de periode van de kolfvulling. Maar beregenen is ook duur. Als de maïs een flinke regenbui gekregen heeft rond de bloei zodat er wat reserve in de bodem of aan de voet van de plant zit, dan moet er niet beregend worden. Bijvoorbeeld in de Kempen heeft men deze zomer wel regelmatig regen gehad.

PRIJZEN LANDBOUWPRODUCTEN EN GLB

Hoeveel procent wintertarwe werd er voor het seizoen 22/23 meer gezaaid in België en in Europa?

Voor België verwachten wij een stijging van het wintertarweareaal met ongeveer 6 %. Voor Europa, inclusief het Verenigd Koninkrijk en zonder Rusland en Oekraïne, gaan wij uit van een lichte stijging van 1 tot 2 %. In Oekraïne wordt er echter een grote daling verwacht die groter zal zijn dan de stijging in de rest van Europa samen.

GLB 2023-2028

Waarom wordt de norm voor blijvend grasland bij de hervormde zoogkoeienpremie niet vergeleken met de oppervlakte van 2018?

Zowel in de conditionaliteit als in de hervormde zoogkoeienpremie komen er elementen rond het behoud van blijvend grasland terug. De voorwaarden voor het behoud van blijvend grasland zijn echter nog strenger bij de hervormde zoogkoeienpremie omdat dit een extra premie is boven op de basisrechten.

Wanneer gaan we te weten komen of we voldoende verdienen om aan de premievoorwaarden met betrekking tot de actieve landbouwer te voldoen? Is dat dan definitief of wordt dat jaarlijks herbekeken?

Voor de berekening van de standaard verdiencapaciteit van een landbouwbedrijf wordt de som gemaakt van de premies uit Pijler 1 en het resultaat van de individuele berekening op basis van perceel- en diergegevens van het bedrijf. Deze individuele berekening zal gebeuren op basis van gemiddelde verdiencoëfficiënten. Deze verdiencoëfficiënten zullen periodiek aangepast kunnen worden. De verdiencoëfficiënten zullen naar verwachting de komende weken gepubliceerd worden.

Wat zijn de gevolgen wanneer er niet voldaan wordt aan de regels rond gewasrotatie?

Wanneer er niet voldaan wordt aan de voorwaarden die binnen het GLB opgelegd worden, dan kunnen er sancties opgelegd worden zoals een daling van de betalingen.

Wat met de stikstof die in het najaar vrijkomt bij het vernietigen van de niet geoogste ecoteelten zoals bv. gele mosterd? Dit is toch nadelig voor het nitraatresidu?

Het GLB en het MAP zijn twee verschillende wetgevingen. Deze zijn niet altijd perfect op elkaar afgestemd. Indien u het nitraatresidu wil beperken, kan u er ook voor opteren om de gele mosterd pas het volgende voorjaar te vernietigen en in te werken. Hierdoor zal de stikstof die vrijkomt bij de vertering van de gele mosterd opgenomen kunnen worden door de daaropvolgende hoofdteelt.

Hoe kunnen we in de Kempen voldoen aan de gewasrotatie? Welke gewassen passen hier nog naast gras en maïs?

Met gras en maïs kan men ook al ver komen om te voldoen aan de gewasrotatie. Daarnaast zijn voederbieten en een hoofdteelt van Turbo Méteil (mengeling van bladrogge, wikke, veldbonen en incarnaatklaver) valabele alternatieven om te telen in de Kempen.

Wat is het aantal zoogkoeien dat minimaal aanwezig moet zijn op het bedrijf om in aanmerking te komen voor de hervormde zooikoeienpremie?

Er is geen quotum meer maar er moeten minimum 10 kalvingen per jaar zijn.

Tellen percelen in Wallonië ook mee in het puntensysteem voor de hervormde zooikoeienpremie?

Neen, percelen in Wallonië kunnen niet in de Vlaamse verzamelaanvraag geactiveerd of aangeduid worden.

Komen aardappelen en (suiker)bieten ook in aanmerking voor de uitzonderlijke regeling braak in 2023?

Aardappelen komen net als granen en groenten in aanmerking voor de uitzonderlijke regeling braak in 2023. Suiker– en voederbieten komen niet in aanmerking.

Wat gebeurt er in het kader van de gewasrotatie (conditionaliteit) met vlassers die uitsluitend vlaspercelen aangeven in hun verzamelaanvraag (idem gespecialiseerde aardappelproducenten)?

Er zijn geen specifieke uitzonderingen opgenomen voor gespecialiseerde producenten van aardappelen of vlas. Zij moeten dus ook aan de voorwaarden met betrekking tot de gewasrotatie voldoen.

VOEDERBIETEN

Hebben bevroren voederbieten na ontdooien nog een voederwaarde?

Neen, bevroren bieten worden direct rotte bieten bij ontdooien. Je kan wel, als je snel handelt, nog wat bevroren bieten kuisen en opmengen in de voedermengwagen, maar eenmaal ontdooid, rotten ze en dan is de voederwaarde weg.

Hoe lang kun je voederbieten bewaren?

Voederbieten kunnen lang bewaard worden, op voorwaarde dat ze goed geoogst werden:

  • voldoende laat oogsten (de bieten moeten rijp zijn, dus best eind oktober, november);
  • nooit ontkoppen, wel ontbladeren;
  • op een hoop leggen en er niet meer aankomen, tenzij om even wat af te dekken tijdens de vorst.

Daarna bewaren ze vlot tot in mei. Ik raad dan bijv. aan om de rest van de voederbieten uit te rijden in de kuil op het geoogste gras in het voorjaar. En de bieten daar dan te vermalen of kapot te rijden. Dan terug een laag gras erop. Op die manier kan je het hele jaar door voederbieten voederen.

Kan (mag) je het voederbietras Foribo later zaaien omdat het voorgekiemd is?

Het is de bedoeling om ze vroeger te zaaien, omdat ze door de voorkieming beter opkomen. Later zaaien betekent meestal dat we een periode van grote droogte hebben en bij erge droogte maakt het niet uit of de bieten voorgekiemd zijn of niet: ze kiemen dan niet zolang het niet regent.

Ligt de teelttechnische bemestingsbehoefte van voederbieten in dezelfde lijn als die van mais?

Voederbieten kunnen flink bemest worden. Ze ‘zuigen’ alle stikstof uit de grond. Maar het is niet noodzakelijk om heel veel te geven: tussen 200 en 250 kg N per ha (waarvan 170 kg dierlijke N), afhankelijk van het gebiedstype waarin je zit.

Blijft er veel grond hangen aan de wortels van Foribo?

De tarra van Foribo is erg laag. Het is nog een echte voederbiet, rood en ovaal. De suikerbietachtige voederbieten, die wit zijn en veel harder, hebben dan ook veel meer tarra of aarde.

VELDBONEN

Is er een groot risico op vraatschade bij de teelt van veldbonen?

Het risico op vraatschade bij veldbonen is relatief klein. In tegenstelling tot bijvoorbeeld erwten worden veldbonen weinig tot niet aangetast door duiven. Schade door kauwen en kraaien is net zoals bij veel andere teelten niet uit te sluiten maar in de praktijk doen er zich weinig problemen voor.

SUIKERBIETEN

Is BTS 1825 N geschikt voor lichte gronden en voor vroege levering?

BTS 1825 N is een nematodenras met bovengemiddelde bodembedekking. Deze kan dus zeker op lichtere gronden, op voorwaarde dat deze gronden geen rhizoctoniaprobleem hebben. Op lichtere gronden, waar regelmatig mais verbouwd wordt, zou ik wel eerder BTS 605 aanbevelen.

De suikerprijs is niet de uitbetaalde prijs. Met leveringen tot in februari, is de suikerbiet dan nog interessant?

De prijs die dit jaar uitbetaald wordt, is op zich veel interessanter dan de voorbije jaren. Dit stemt ons positief wat betreft de suikerbietteelt. De overgrote meerderheid van de planters heeft zijn bieten op een goede manier kunnen leveren en de bietenteelt was voor velen een mooie rendabele teelt. Anderzijds heeft het laatste stuk van de campagne inderdaad heel wat problemen gekend. Het zou een streefdoel moeten zijn dat alle bieten voor 10 januari verwerkt zijn, maar dit zal altijd een stuk afhangen van de rendementen die gemaakt zijn. Hoe meer bieten, hoe langer de campagne. Dit jaar hebben we te maken met extreem grote problemen in deze late leveringen door de vroege vorst die we hadden, gevolgd door de warme temperaturen. Laten we hopen dat de nodige lessen getrokken worden en dat dit in de toekomst vermeden kan worden. Noch de planters, noch de fabrieken hebben baat bij deze problematische late leveringen.

Op de hoogte blijven?

Schrijf je in op onze nieuwsbrief en ontvang onze nieuwtjes in je mailbox.

    privacy Beleid.